Eerste Lezing: Jr 17, 5-8
Evangelie: Lc.6, 17.20-26 – Gelukkig zij…
In deze woelige tijden, waarin de ene na de andere staking over ons land raast, armen steeds armer en rijken steeds rijker worden, en we ondertussen worden overspoeld door programma’s en reclame op de televisie die ons krampachtig doen geloven dat de formule van geluk samen te vatten is als macht, rijkdom en ijdelheid, komt deze evangelielezing op ons pad.
Dit evangelie is van Lucas, maar ook bij Mattheus kunnen we een vergelijkbaar verhaal vinden. Bij Mattheus is het een onderdeel van de ‘bergrede’, want vond waarschijnlijk plaats op een berg. Bij Lucas is het een onderdeel van de zogenaamde ‘vlakterede’. De bedoeling van Lucas was waarschijnlijk dat hij Jezus situeerde onder de mensen, tussen de mensen, tussen het gewone volk. Jezus kende hun situatie, hij had hun lijden gezien, hij wist waarmee ze te kampen hadden. Hij deelt in hun zorgen. Het zijn dus niet zomaar ‘holle woorden’.
In deze rede wordt er een samenvatting gemaakt van wat die Blijde Boodschap, die Jezus kwam brengen, juist inhoudt. Die Blijde Boodschap vertelt over het creëren van een betere wereld voor iedereen. Een wereld waar mensen voldoende hebben om van te leven, waar mensen gezien worden en mogen zijn zoals ze zijn. Een wereld waar mensen met mekaar delen. Een wereld waarin eens een keer niet het recht van de sterkste geldt maar het recht van diegene die zich onderaan de maatschappelijke ladder voelt staan. De wereld op zijn kop! En dit is een boodschap die niet enkel toen van belang was, nee, ook in onze tijd moeten we daar blijvend aandacht voor hebben.
Deze lezing is als het ware een richtingaanwijzer voor de toehoorders, de kern van de Blijde Boodschap, juist dat waar het om gaat.
Ik denk niet dat Jezus de armoede verheerlijkte, dat zou ik zeer pijnlijk vinden omdat in armoede leven niet echt een pretje is. Ik denk ook niet dat rijkdom mensen onmiddellijk ongelukkig maakt. En ik wil vooral geloven dat Jezus een wereld voor zich zag waarin iedereen genoeg had, waarin iedereen een plekje had op deze aardbol en waarin ieder mens ruimte en mogelijkheden had om te mogen proeven van geluk.
Zou het kunnen dat Jezus ons vooral aanmoedigt om arm aan egoïsme te zijn? Arm aan een wereld waarin ‘ikke, ikke, ikke en de rest kan stikke’ geldt? Dat je door egoïstisch te zijn niets terecht brengt van je zoektocht naar geluk en dat je je wel eens op een eiland van eenzaamheid zou kunnen opsluiten… Ocharme gij…!
Zou het kunnen dat Jezus ons juist op weg wil zetten om mensen te zijn die delen, die vrede brengen, die tevreden zijn, die hongeren naar gerechtigheid, die goedheid uitdragen, die vriendelijkheid, vreugde, eenvoud en barmhartigheid uitstralen. Want dat is wat die boodschap brengt: Liefde. God is liefde en spoort ons aan om ook liefde te zijn. Liefde voor onszelf en liefde voor onze medemensen. Wat een geluk heb jij, als je op dat spoor komt!
Wil dat dan zeggen dat we niet meer mogen gaan voor ons comfort of voor rijkdom? Niet persé… Als je van die rijkdom en al die materiële spullen niet het hoofddoel in je leven maakt, maak geen ‘god’ van die rijkdom, wees niet zelfvoldaan, ijdel of hoogmoedig. En als je dan ook nog eens wil delen van wat je hebt, is het natuurlijk helemaal fantastisch!
Deze vlakte-rede van Jezus is één grote oproep tot solidariteit. Deze oproep zou evengoed op zondag 16 februari 2025 gedaan kunnen zijn want ook onze huidige maatschappij kreunt onder een onrechtvaardige verdeling van de rijkdom. Ook hier zijn er mensen die op straat leven, die niets of niemand hebben. De kloof tussen arm en rijk groeit nog steeds.
Dat we dan op de plaats waar we wonen deze oproep tot solidariteit mogen horen en, dat we de woorden van Jezus als warme wegwijzers mogen zien op de weg van geloof, hoop maar vooral de weg van de Liefde.
Voor de eerste communicanten en vormelingen (Onze-Lieve-Vrouw ter Sneeuw)
- Vier situaties :
- Jij hebt een koek bij, jouw vriend op school niet. Wat doe je?
- Mama voelt zich niet goed, heeft hoofdpijn, wat doe ?
- Ruzie op de speelplaats, iemand wordt gepest, wat doe je?
- Je komt iemand van de buren tegen op straat. Ze kijkt somber, wat doe je?
Vier hartjes (liefde)… vormen een klavertje vier (geluk).
Conclusie: als je met open ogen en oren door het leven gaat, en je ziet dingen die je kan doen om liefde te verspreiden, en je steekt de handen uit de mouwen om daadwerkelijk iets te doen: dan vergroot dat het geluk van anderen maar ook dat van jezelf. (MvG)
