Eerste lezing: Je 6,1-2a, 3-8
Evangelie: Lu 5, 1-11

(Walter Hoet)

“Wees niet bevreesd!”

Vorige week waren we nog met Jezus in de tempel 40 dagen na zijn geboorte.
Vandaag zijn we al een heel eind opgeschoten in Zijn leven en Lucas plaatst de roeping van de eerste leerlingen en de episode van de wonderbare visvangst bij elkaar.
De eerste leerlingen waren vissers, dat weten we.  Hoe ze leerling van Jezus werden, vertelt Lucas in een bijzonder verhaal.
De liturgie van deze zondag schotelt ons opnieuw roepingsverhalen voor.
Zo helpt de liturgie ons, aan het begin van het kerkelijk jaar, te reflecteren over onze roeping als christen, over onze trouw aan de roeping en de zending die daaraan verbonden is.
En we worden niet geroepen omwille van onze deugden, laat staan omwille van onze gaven en talenten.
Zoals in het verhaal van het evangelie komt Jezus niet alleen bij de leerlingen langs, maar ook aan de oever van ons leven.
En Hij moest zijn leerlingen herhaaldelijk roepen.  Hij roept ze als ze luisteren naar Johannes de Doper; Hij roept ze als ze hun netten herstellen; Hij roept ze als Hij de berg bestijgt en er  12 uitkiest om met Hem te zijn.
En nu roept Hij ze na een onvergetelijke visvangst.
Ook wij moeten regelmatig geroepen worden om aanwezig te zijn bij Zijn boodschap.

In eerste instantie vraagt Hij Petrus om vanuit zijn boot het volk te mogen toespreken.  Het woord van Jezus komt tot de mensen vanuit de boot waarmee Petrus tenslotte zijn brood verdient, vanuit zijn “werkgelegenheid”, en niet omwille van zijn talenten .
We zijn geen leerling van Jezus NAAST onze dagtaak.  Het is vanuit ons dagelijks leven dat God zich tot de mensen kan richten.

Ook aan ons vraagt Jezus om een eindje van wal te steken en we hebben “watervrees”, we durven niet goed instappen in Zijn boot, maar het is een eerste stap om de veilige oever te verlaten van onze gevestigde zekerheden en ons weer te wagen op een wankele boot, het onbekende.
Eens positief durven ingaan op een kleine vraag van iemand die ons onverwacht uitnodigt ergens een handje toe te steken .Mensen herkennen in onze omgeving en ze “erkennen” in hun waardigheid, onszelf durven richten tot de zwakkeren.
En dikwijls zijn we terughoudend om in te gaan op een vraag.
Wie geeft, krijgt veelvoudig terug, ook al trekken we dat soms in twijfel.

Gooi uw netten uit!  Geef het niet op! Zegt Jezus.

Simon gaat wel in op de vraag van Jezus en hij heeft, samen met zijn makkers een wonderbaarlijke ervaring op het meer met Jezus in zijn “levensboot”.
Simon roept er zelfs een tweede boot bij om zijn vreugde en overvloed te tonen en het verder te vertellen.

Vertrouwen, dankbaarheid, bescheidenheid, vriendschap, verbondenheid, medeverantwoordelijkheid en hoop ervaren de leerlingen in hun werk.
Wat eerst een bangelijke vraag was, wordt een vreugdevol avontuur, waar mensen worden samengebracht.

Jezus zegt ons: “Wees niet bevreesd”: voortaan zal je mensen redden van wat hen bedreigt om gelukkig te zijn.
Vaar naar het diepe om het werk van God te zien in jezelf.  Denk erover na wat je met de oproep van Jezus zal doen en steek de handen uit de mouwen om je belofte waar te maken

We leggen deze zondag alle drukte naast ons neer om te kunnen luisteren naar een diepere boodschap. (MS)