‘In het begin was het woord’ opent het evangelie van Johannes. Dat is goed gezien, want wij beleven onze wereld via onze zintuigen, emoties en verstandelijke vermogens en communiceren over werkelijkheid in de vorm van verhalen.

Via klanken, gebaren, mimiek, geschilderd, uitgehouwen of verfilmd, geschreven, springend, zingend, spelend, dansend geven we verhalen betekenis of zingeving door aan elkaar. Verhalen mobiliseren, motiveren en inspireren om samen te werken. Zo worden we verhalenvertellers voor mekaar. We beleven immers onze wereld in verhalen die we elkaar doorgeven. Door betekenisvolle verhalen te vertellen geven we boodschappen door aan elkaar. We redeneren via en met verhalen. We leven in een verhaal.

Het verhaal van rechtvaardigheid is belangrijk. De grote vertellingen over hoe we ons tot elkaar moeten verhouden: de kwestie van goed en kwaad; wat eerlijk en oneerlijk is. Dat verhaal raakt alle mensen. Religieuze boeken raken er niet over uitgepraat. We worden geraakt, geëmotioneerd zelfs, door verhalen over onrecht en ongelijke behandeling. De verhalen van heiligen en martelaren die sterven voor hun geloof inspireren ons. Wereldlijke figuren zoals Mahatma Gandhi (India) of Martin Luther King (VSA) die opkwamen tegen verdrukking doet ons dat verhaal van geweldloze weerbaarheid verder vertellen.

Zij vertolken ‘dromen’ die nog steeds werkelijkheid moeten worden. Verhalen over rechtvaardigheid zetten ons in beweging. We tellen allemaal mee. We hebben allemaal een rol te vervullen in het leven. Rechtvaardigheid en mensenrechten zijn mensenwerk! De gekende gouden regel is: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet”.

Rechtvaardigheid voor allen!

Het hoogste goed van een staatsinrichting is ‘rechtvaardigheid’, ieder het zijne toebedelen. Dat zal ook het algemeen welzijn dienen en bevorderen. Rechtvaardigheid is ook een vorm van gelijkheid en zeker van evenwaardigheid. Mensen zijn verschillend en hebben altijd verschillende behoeften.

Staatsinrichting moet er op gericht zijn die verschillen en door erkenning van alle mensen het geluk en de tevredenheid van een ieder te waarborgen. Een goede staatsinrichting moet voortdurend op zoek naar het beste in al die verschillende burgers om dat om te zetten in het beste voor alle burgers. Het maximaliseren van het globale geluk! Voor dit alles is het aangewezen dat de juiste mensen met kennis van zaken wijs besturen.

Het doel van de maatschappij is het geluk van allen. Mensen worden vrij en gelijkwaardig geboren – ze kunnen allemaal denken, redeneren en hebben een geweten. Daarom dienen ze zich broederlijk ten opzichte van elkaar op te stellen. Macht moet dienend zijn aan het welzijn van alle burgers.

Na het rechtvaardigheidsverhaal volgt het verhaal van de liefde. Alles resulteert in meer vertrouwen en erkenning.