Eerste lezing: EX 34,4b-6. 8-9
Tweede lezing: 2 kor 13,11-13
Evangelie: Joh 3,16-18
Beste mensen,
Vorige week vierden we Pinksteren, het feest dat de paastijd afsluit, het einde van een drukke tijd: de veertigdagentijd, de Goede Week, Pasen, Hemelvaart.
En vandaag vieren we dan het feest van de Heilige Drie-eenheid: ons geloof in 1 God, maar in 3 gedaantes, de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Dit wordt elk jaar gevierd op de eerste zondag na Pinksteren.
Op deze zondag komen de 3 grote kerkelijke feesten samen: Kerstmis: de geboorte van een mensenkind, de Zoon, Pasen: de Zoon wordt bevrijdt uit de dood en komt thuis bij zijn Vader en Pinksteren: God schenkt ons de Heilige Geest om in ons verder te leven.
In de bijbel gaan we de woorden Drie-eenheid of Drievuldigheid nergens tegenkomen. Het is maar pas in de 4de eeuw dat men ze gaat gebruiken. Sindsdien hebben theologen er boeken vol over geschreven.
Toch zijn er enkele momenten in de bijbel waarvan men zegt dat er sprake is van deze Drie-eenheid. Zo kennen we het bezoek van de drie mannen aan Abraham, prachtig uitgebeeld in de icoon door Andrej Roebljov, God aan de linkerkant, Christus in het midden en de Geest aan de rechterkant. Ook bij de doop van Jezus is er sprake van deze Drie-eenheid. Jezus, de Zoon, wordt gedoopt, God, de Vader, spreekt vanuit de hemel en de Geest daalt neer op Hem.
Tijdens zijn leven zegt Jezus een aantal keer: ‘Wie mij ziet, ziet de Vader’, en ‘Ik zend jullie een helper: de Heilige Geest’. De apostelen moeten dopen ‘in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest’. Ook nu worden deze woorden nog gebruikt tijdens de doop. Telkens wij het kruisteken maken, gebruiken we deze woorden.
In de lezingen van vandaag horen we ook een stukje van deze drie-eenheid. Jezus zegt dat God de wereld zo lief heeft dat Hij zijn eniggeboren Zoon geschonken heeft. Het is geen God die op afstand blijft, geen God die veroordeelt. Maar een God die nabij wil zijn, die redt, die meeleeft.
Paulus sluit zijn brief aan de christenen af met een gebed. ‘De genade van de Heer, de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met jullie allen.’ Bij ons zijn het de beginwoorden van de eucharistie. Hieruit blijkt weer die onverbrekelijke samenhorigheid tussen Christus, God en de Heilige Geest.
Paulus geeft ons ook een beeld van God: genadevol, liefdevol en in gemeenschap.
Dit zien we ook terug in de eerste lezing. Mozes ontmoet God op de Sinaï. En hoe beschrijft God zichzelf? Niet als streng of hard, maar als ‘een barmhartige en genadige God, geduldig, groot in liefde en trouw.’
Deze beelden zien we terug in het leven van Jezus. Hij heeft geen uitgebreide theologische uitspraken gedaan. Neen, Hij laat gewoon zien wie God is. God staat niet ver van ons maar is begaan met ons, als een liefdevolle vader, en wil ons leven zin en geluk geven.
Jezus heeft Hem voorgeleefd, om te laten zien wat er van ons verwacht wordt om zo mee te kunnen werken aan Gods Rijk.
Maar als mens zijn we niet volmaakt, God weet dit. Daarom kunnen we steeds weer rekenen op zijn genade. We zijn steeds weer welkom bij Hem.
Gods weg volgen is ook niet altijd even gemakkelijk. De éne dag lukt het al beter dan de andere. Daarom stuurde God een Helper zodat we er niet alleen voor staan, een kracht die van binnen uit werkt: de Heilige Geest. We moeten er ons alleen voor open stellen.
In het evangelie horen we ook nog dat Jezus gekomen is om de mensen te redden, met andere woorden: als we iemand redden, geven we zijn leven terug.
Het is dus juist daar dat we God moeten zoeken, daar waar mensen elkaar leven geven, waar mensen voor elkaar open staan. Waar mensen in gemeenschap leven, waar mensen het voor elkaar opnemen, samen werken aan vrede, daar is Gods Geest aanwezig.
Zo dadelijk spreken we onze geloofsbelijdenis uit. Daarin zeggen we het nog eens duidelijk: ik geloof in God de Vader, en in Jezus Christus, zijn zoon, en in de Heilige Geest. Een vader die boven ons staat, maar die ons draagt, een zoon die naast ons staat en de geest, een kracht, die binnen in ons zit.
